Blog

Geest uit het verleden

6 maart 2015
school

Onlangs werd ik benaderd voor een interview in het kader van een onderzoek door studenten van de Hanzehogeschool. Echter had dit interview geen betrekking op mijn schrijfwerkzaamheden maar op mijn nieuwe functie binnen de Hanzehogeschool, als groepsbegeleider van studenten die de studie graag vol willen houden en in contact willen komen met studiegenoten, die net zoals zij, moeite ervaren met het volhouden van de studie door bijkomende omstandigheden. Toen ik het mailtje met de uitnodiging kreeg, meende ik de naam van de afzender te herkennen. Toch heeft het mij verder niet beziggehouden. Tenminste…..tot ik afgelopen dinsdag in het lokaal zat waar het interview plaats zou vinden en ‘zij’ kwam binnenlopen. Daar stond ze, met een wijzende vinger, uitroepend mij te kennen…….Een geest uit het verleden. Ongemakkelijk was het echter niet. Eerder op de een of andere manier vertrouwd en ergens jammer. Jammer in de zin van dat ik mij een reünie met voormalige klasgenoten altijd anders had voorgesteld. Ik in een prachtige vintage jurk, met opgestoken haar, langzaam de trap af- wadend van mijn voormalige school. De trap van de school waar ik mijn leven weer in eigen hand begon te nemen. Ik zou binnen lopen met een iets hautaine uitstraling, in de zin van: Ondanks alle harde woorden, sta ik nog steeds sukkels! Maar nu zat ik onderuit gezakt met restjes tonijnsalade tussen mijn tanden een geest uit het verleden aan te staren. Niets jurk. Niets hautain.

Ze vroeg of ik het ongemakkelijk vond dat juist zij mij interviewde. Al gauw kon ik haar vraag beantwoorden met een zelfverzekerde ‘Nee’. Ik ben immers niet mijn verleden. Ik ben niet wie ik was. Alhoewel. Sommige gewoontes zijn uitermate hardnekkig. Ze vroeg mij hoe het mij was vergaan. Wat moest ik zeggen? Goed denk ik……nou ja. Mijn stiefmoeder is onlangs overleden, mijn moeder worstelt met dezelfde ziekte en ik…..ja ik….ik pak de dingen weer op. Dus ik antwoordde met goed, en legde haar uit dat er wel omstandigheden zijn geweest waaronder ik mij tijdelijk minder goed had gevoeld, maar dat dit ook iets is dat bij mij lijkt te horen, of gewoon, bij iedereen. De op- en neerwaartse bewegingen van een leven, zoals dat gaat. Ik vroeg hoe het haar was vergaan en ze antwoordde bijna gelijk aan mijn antwoord, waardoor ik rustig onderuitgezakt durfde te blijven zitten.

We begonnen met het interview. Ik antwoordde lang en eerlijk over hoe mijn leven mijn werk beïnvloed en andersom. Gaandeweg zag ik steeds het meisje voor mij dat 20 kilo lichter was, onzeker, altijd in het zwart gekleed, maar vertrouwend op een andere toekomst. En daar zat ik nu. Alles van die andere toekomst was waar.

Na afloop raakten we aan de praat, mijn voormalige klasgenoot en ik. Bijna tien jaar hadden we elkaar niet gezien en ik besefte mij dat, ondanks dat we ooit hadden geroepen dat we elkaar kenden, we elkaar eigenlijk helemaal niet hadden gekend. Wanneer ken je iemand eigenlijk echt? We raakten na het interview nog een vol half uur aan de praat en ze gaf mij, zonder dat ze er iets voor terug verwachtte, het mooiste cadeau: ” Een andere kijk op mijn vroegere zelf, op wie ik werkelijk was. ” In mijn geheugen ontbreken veel stukjes van de puzzel, ik was naar mijn idee een baldadige puber, had zelden eetlust, was ontevreden met mijzelf en de wereld, vond mijzelf vooral onwetend en dom, dronk stevig, rookte en kwam vaak te laat, echter dat alles wat meer nog dan de gemiddelde puber, zo durf ik inmiddels wel toe te geven. Zij benoemde echter dat zij mij altijd als een afgezonderd, maar slim en sterk iemand had gezien. Iemand die vroeg wijs was geweest. De leraren vroegen mij vaak om een antwoord op een vraag, terwijl ik mij hier niets van herinner. Welke leraren? Sterk? Mijn hele kijk op mijn vroegere zelf werd ineens verdrongen door een onbekend puzzelstuk, waar al enigszins op is gekauwd door een peuter die nog niet weet wat hij aanmoet met al die losse delen van de puzzel, maar waarvan het afgekauwde puzzelstuk achteraf toch blijkt te passen in het grotere geheel. Ondanks haar positieve kijk op mij, had ze wel degelijk gezien dat ik ongelukkig was, maar dit wist zij vooral omdat ze dit zelf ook was geweest. En dat was niet het belangrijkste geweest in haar herinnering. We bleken meer gemeen te hebben dan dat we hadden gedacht. Depressies, opname, een verwrongen relatie met eten. Langzaam zag ik ons voor mij als vijftienjarige meisjes op het VMBO.

Ik had mij de reünie zo niet voorgesteld. Niet zo vroeg. En niet zo. Maar ondanks alles blijken we verdomde goed terecht te zijn gekomen.

You Might Also Like